Rudolf Elmer als moderne Gandhi

Beschimpte klokkenluider ziet ‘adequate transparantie’ als antwoord op gebreken Westerse democratie

7 JANUARI 2016 | Jan Verdonk

Het leest weg als een spannend jongensboek, het leven van de inmiddels 60-jarige oud-bankier Rudolf Elmer. Nadat hij geheimen lekte van zijn voormalige werkgever Julius Bär werd hij beschimpt, geïntimideerd, gevangengezet (217 dagen voorhechtenis) en zelfs vervolgd. Bescherming kreeg hij niet of nauwelijks, ook niet nadat zijn gezondheid verslechterde. Toch bleef Elmer het gevecht aangaan, naar eigen zeggen gelovend in de goedheid van zijn missie. Inmiddels is hij de Zwitserse politiek ingegaan om een leidend voorbeeld te zijn. Maar hoe denkt een klokkenluider als Elmer na al zijn ervaringen eigenlijk over ons Westerse politieke systeem en de gebreken ervan? Ik vroeg hem ernaar en ging in gesprek over zowel de problemen als de oplossingen.

Rudolf Elmer werkte twee decennia lang voor de grootste private bank van Zwitserland: Julius Bär. De laatste acht jaar was hij voor diezelfde werkgever operationeel directeur op de Kaaimaneilanden, een hotspot van financiële activiteiten door het bedrijfsvriendelijke klimaat aldaar. De Zwitser trof er een grootscheepse belastingfraude aan en was getuige van een scherpe toename in riskante deals, door een zoektocht naar snelle winsten. Als compliance officer van de Kaaiman-eenheid merkte hij bovendien dat zijn eigen management cruciale informatie verborgen hield, waardoor hij het gevoel kreeg dat hij zijn leidinggevenden niet kon vertrouwen. Deze ethiek van de zakenindustrie en met name de top van het bedrijfsleven bezorgde Elmer een ongemakkelijk gevoel. In december 2002 werd hij ontslagen, nadat een dubieuze leugendectortest – die onderdeel was van nieuwe veiligheidseisen – op hem werd uitgevoerd, ondanks dat hij onder de zware medicatie zat als gevolg van zware rugproblemen waarvoor hij vier weken later geopereerd zou worden. Elmer zelf stelt dat het duidelijk is dat hij geëlimineerd moest worden bij de bank. Op zijn aanstellingscertificaat van 1999 was hij nog gekenmerkt als een ‘kritisch denkend persoon’ en volgens hem zijn dat soort mensen voor elk management een potentiële bedreiging.

Kruistocht tegen Julius Bär

Elmer was op de Kaaimaneilanden onder meer belast met de taak voor complete backups te zorgen van bankgegevens, in het geval zich een orkaan zou voltrekken. Hij was tevens verzocht door het management een dagelijkse backup mee naar huis te nemen in het geval er een brand zou uitbreken. Het was hierbij de bedoeling dat Elmer de gegevens later zou teruggeven aan de bank, maar  vlak nadat hij eruit was gewerkt beschikte hij nog over een versie. Deze zou hij later naar de Zwitserse belastingdienst, het Openbaar Ministerie, een lokaal parket en de media sturen. Toen de gehoopte reactie echter uitbleef begon hij zijn informatie te delen met derden, waaronder vanaf 2008 WikiLeaks. Deze kruistocht tegen Julius Bär en belastingontduiking zou de oud-bankier evenwel duur komen te staan.

In 2005 werd Elmer voor dertig dagen in hechtenis genomen in Zwitserland, nadat hij ervan beschuldigd werd het Zwitserse bankgeheim te hebben geschonden. Ook zou hij officials van Julius Bär afgeperst hebben. De zakenbank schetste een beeld van een rancuneuze ex-werknemer op oorlogspad, dat volgens Elmer opvallend vaak werd overgenomen door de meeste Zwitserse media. Een lange periode met intimidaties, verdachtmakingen en gerechtelijke stappen volgde. Het culmineerde mede in een posttraumatisch stresssyndroom bij Elmer, die door zijn verslechterende gezondheid bijna zwichtte voor een lucratief zwijggeldaanbod. Hij zette zijn strijd echter voort, ondanks dat hij moest opboksen tegen een in zijn ogen corrupt rechtssysteem met rechters en aanklagers die bij voorbaat uit waren op zijn veroordeling.

Politieke carrière

In april 2015 was Elmer bij de verkiezingen in het district Bülach nummer drie op de kieslijst van de kleine politieke partij Die Alternative Liste, een linkse beweging die actief is in de kantons van Zürich en Schaffhausen. De bankier is politicus geworden. Dat kan gerust opvallend genoemd worden, aangezien Elmer nauwelijks steun vond in de Zwitserse politiek toen hij de problematiek van de belastingontduiking aankaartte. De grote vraag is daarom of Elmer een masochist is, of iemand die oprecht gelooft in de kracht van het democratische model. Ik ging in gesprek met Elmer en confronteerde hem met wat door velen gezien wordt als gebreken van de Westerse invulling van het democratische systeem. Hoe denkt Elmer zelf over deze obstakels, en welke oplossingen heeft hij?

Beste Rudolf! Na alles wat je hebt meegemaakt, besloot je de politiek in te gaan. Een opvallende keuze, aangezien het Zwitserse democratische systeem jou eerder niet heeft kunnen steunen. Geloof jij ondanks jouw verhaal nog steeds in de moderne Westerse democratie?

“Ja, ondanks dat onze Westerse democratie, en met name de Zwitserse, in veel aspecten door geld gedreven wordt. Als je je verdiept in de details wordt dit door mijn verhaal duidelijk gedemonstreerd. Bepaalde multinationale organisaties, enkele zeer rijke individuen en vooral de Zwitserse autoriteiten waar ik tegen vecht via onder meer de rechter, denken dat winst en macht de hoogst na te streven doelen zijn. Voor hen zijn dat de middelen om de reputatie op te bouwen succesvol te zijn. Wie rijk en machtig is wordt in die kringen gerespecteerd om zijn bijdrage aan de rijkdom van de Westerse samenleving.

In feite hebben deze mensen een verborgen agenda. Hun echte drijfveer is hebzucht, en dat is de grootste vijand van werkelijke democratie. Ik weet dat het filosofisch klinkt, maar we moeten onze maatschappelijke waarden veranderen als we daadwerkelijk tot een ‘echte democratie’ willen komen. In mijn ogen is er nog heel veel werk te verzetten alvorens we onze Westerse samenleving echt als ‘uitmuntend’ kunnen betitelen. Er zijn wel tekenen dat we op de goede weg zijn. Zo kan de klokkenluiderscultuur ervoor gaan zorgen dat misbruik in veel domeinen serieus wordt aangepakt. Ondanks dat de Zwitserse democratie en de autoriteiten hier me niet hebben kunnen beschermen, heb ik toch besloten de koe bij de horens te vatten en terug te keren naar Zwitserland in 2010. Ik wist dat ik dan voor de rechter zou moeten verschijnen en dat ik de gevangenis in zou gaan. Ik wist dat het een ‘sociale dood’ zou betekenen en een zware financiële last, zeker omdat ik vogelvrij verklaard zou worden gezien. Toch heb ik het gedaan, omdat ik er sterk in geloof dat het de manier is om dingen te veranderen. Op deze manier kan ik een leidend voorbeeld zijn voor de maatschappij en wanpraktijken zichtbaar maken. Ik ben ervan overtuigd dat ik een last ben voor het Zwitserse etablissement, misschien wel zoals Dietrich Bonhoeffer was voor Adolf Hitler, Mahatma Gandhi voor de Britten en Jezus voor de Joden. Ik wil mezelf niet vergelijken met deze groten, maar ik heb wel van ze geleerd.”

Leren van Lincoln

Als moderne Gandhi heeft Elmer heel duidelijk voor ogen tegen welke schadelijke krachten hij strijdt. Daarbij is het volgens hem erg helder wat er gedaan kan worden om op korte termijn tot verbetering te komen.

Jouw verhaal laat zien dat ons huidige Westerse politieke systeem niet in staat is om alle mensen te beschermen die eerlijk zijn over het onrecht dat ze aantreffen in hun beroepsveld. Welke krachten voorkomen dit volgens jou eigenlijk?

“In mijn ogen zijn er bepaalde multinationale organisaties en rijke individuen die mij het zwijgen willen opleggen. Zij willen de waarheid over de financiële industrie verborgen houden. Abraham Lincoln zei het ooit mooi:

Ik heb twee grote vijanden, het Zuidelijke leger voor mij en de financiële instellingen achter me. Van die twee zijn die achter me de grootste vijand. Ik zie voor de toekomst een afschrikwekkende crisis naderen die me doet beven voor de veiligheid van mijn land. Door de Burgeroorlog zijn er corporaties in het zadel geholpen en gaat er een tijd volgen met corruptie in hoge sferen. De macht van het geld zal aangewend worden om het bewind van de corporaties te verlengen. Dit zal het doen door in te spelen op de vooroordelen van het volk totdat rijkdom opeen is gehoopt in de handen van een kleine elite en de Republiek vernietigd is. Ik voel op dit moment meer angst voor de veiligheid van mijn land dan ooit, zelfs dan toen we nog in het midden van de oorlog zaten.’

Ik kan hieraan alleen nog toevoegen dat naast financiële instellingen we ook multinationale organisaties moeten noemen.”

Stel dat jouw bovengenoemde conclusies kloppen. Wat moeten we dan doen om ons politieke systeem zo te veranderen dat het ons beschermt tegen onrecht?

“Ik wil mijn antwoord hier vooral beperken tot mijn eigen casus, omdat ik daarin zelf ervaren heb hoe het is om als David te strijden tegen Goliath. Daarbij zie ik een aantal sleutelproblemen. Ten eerste zouden politici en politieke partijen transparant moeten zijn over wie hen financieel steunt . Welke bijdrages, voordelen en bestuurlijke erebaantjes krijgen ze? Ten tweede zouden rechters en aanklagers niet gekozen mogen worden op basis van hun politieke lidmaatschap, of doordat de politieke partij die hen steunt veel stemmen heeft gekregen. Ten derde zou misbruik bestraft moeten worden met gevangenisstraf voor de verantwoordelijke managers, en niet alleen met boetes of financiële deals met justitie. Gerechtigheid zou niet te koop moeten zijn. Ten vierde zouden landen die zich niet willen conformeren aan algemeen geaccepteerde regels, zoals automatische informatie-uitwisseling, sancties opgelegd moeten krijgen. Ten vijfde is er een mondiaal orgaan nodig, bijvoorbeeld de G7 of de Verenigde Naties, dat de macht heeft om foute belastingregimes aan te pakken. Zo is belastingontduiking in Zwitserland bijvoorbeeld geen misdaad. Daardoor was er decennia lang geen wederzijdse administratiehulp nodig. Ik ben er zeker van dat met deze oplossingen veel onrecht eenvoudig geëlimineerd kan worden.”

Nadenken over waarden

Elmer pleit dus onder meer voor enkele gedragsregels voor politici. Democratische puristen wijzen er de laatste tijd op dat het bij deze volksvertegenwoordigers steeds minder om de inhoud gaat, maar steeds meer om wie het zegt. Wat vindt Elmer daar eigenlijk van? En in hoeverre ziet hij een dreiging in de toenemende invloed die lobbyisten hebben op die inhoud in het politieke proces?

De Europese democratieën wordt weleens een Amerikanisering verweten, waarbij de boodschapper belangrijker wordt dan de inhoud zelf. In hoeverre herken je dit?

“We kunnen veel leren van de Verenigde Staten. We hoeven alleen niet steeds weer dezelfde fouten te maken. De inhoud moet weer belangrijk worden. In mijn ogen heeft het alles met de waarden te maken die belangrijk voor ons zijn. Het inzicht over de relatie tussen de boodschapper en de inhoudelijke boodschap zelf moeten we meegeven aan onze kinderen en bespreken met vrienden en familie. Aan de andere kant moeten we leiden door het goede voorbeeld te geven. Ik sleep de Zwitserse media voor het gerecht als ze over mij schrijven dat ik een mentaal ziek persoon, een dief, een chanteur of iets dergelijks zou zijn. Die vooroordelen bestaan hier nog steeds.”

Lobbyisten vinden hun weg naar onze politici elke dag om invloed uit te oefenen op de inhoudelijke agenda. Regelgeving op dit punt is nog mager, in zowel de Europese Unie als in individuele landen. Wat denk jij over de invloed die zij hebben, en in welke mate vind je dat we het bestaande systeem moeten aanpakken?

“Lobbyisten hebben een enorme invloed vandaag de dag, overal. Ik ben ervan overtuigd dat dit vaak niet ten goede komt van de gemiddelde burger. Een effectieve manier om het te veranderen is via ‘adequate transparantie’. Politici moeten daarbij dus publiekelijk aangeven wat voor bijdragen ze krijgen en van wie. De burger heeft het recht dit te weten aangezien hij de politicus zijn stem geeft en bovendien zijn salaris ophoest door netjes belasting te betalen.”

‘Geen tijd voor politiek activisme’

De gemiddelde burger zou volgens Elmer dus meer inzicht moeten krijgen in de manier waarop politieke partijen gesteund worden, om zo tot een beter gefundeerde stem te komen. Toch lijken Henk en Ingrid zich niet echt om deze rechten te bekommeren, zelfs in een tijd van een wereldwijde financiële crisis. Elmer ziet wel degelijk frustraties bij de burger, maar vermoedt dat een gebrek aan tijd politiek activisme belemmert.

De gemiddelde burger lijkt ondertussen niet erg politiek actief te zijn, zelfs niet in een periode van een economische crisis. Grote politieke schandalen lijken hem slechts een paar dagen bezig te houden. Hoe verklaar je dit?

“Ik denk dat er een hoop frustratie leeft bij de gemiddelde burger, maar dat hij niet meer wenst te vechten tegen misstanden in welk beroepsveld dan ook, zolang hij een slachtoffer is. Hij staat al genoeg onder druk door het feit dat hij elke maand genoeg geld moet binnenkrijgen. Er is daardoor maar weinig tijd over om onrecht aan te pakken. Je loopt dan namelijk het risico je baan te verliezen, relatieproblemen te krijgen of in grote ruzies te belanden met familieleden. Daarnaast is het zeer lastig om in te zien wat zulke schandalen precies betekenen voor het leven van de gemiddelde burger.”

Je bent zelf een voorvechter voor meer transparantie. Momenteel werken de Verenigde Staten en Europa aan een Transatlantisch Vrijhandels- en Investeringsverdag (TTIP). In hoeverre moet de burger hier eigenlijk over worden geïnformeerd volgens jou?

“Ik ben een voorstander voor ‘adequate transparantie’. Ik maak daarbij een onderscheid tussen wat mensen moeten weten, en wat aardig zou zijn om te weten. In het geval van TTIP is er duidelijke sprake van iets dat de burger zou moeten weten, aangezien het een directe impact heeft op hun dagelijks leven. ‘Adequate transparantie’ zou vertrouwen voeden en dat is de uiteindelijke basis om meer mensen betrokken te krijgen bij politieke aangelegenheden. Vertrouwen is simpelweg de sleutel. Zodra je iemand niet vertrouwt, is het een normale reactie om die persoon en daarmee dus het onderwerp te vermijden. Voor alle duidelijkheid, ‘adequate transparantie’ eindigt voor mij waar privacy begint!”

Immorele neoliberale onderwijsindustrie

Zelfs als de door Elmer gewenste transparantie van de grond komt, is er nog altijd een minder zichtbare invloed op de totstandkoming van de inhoudelijke boodschap van politici. Deze mensen worden doorgaans geschoold in een onderwijssysteem waarin de agenda grotendeels bepaald wordt door neoliberale denkers. Op bedrijfsuniversiteiten worden mede hierdoor bijbehorende dogma’s onderwezen. Elmer heeft de invloed hiervan gemerkt op zijn eigen functioneren, en wijst op de noodzaak van verandering.

Onder de mensen die verantwoordelijk zijn voor onderwijsbeleid zijn veel neoliberale denkers. Op school leren we dat consumenten rationele beslissingen nemen en er wordt ons verteld dat transparantie een van de voorwaarden is voor perfecte competitie. Er zijn critici die stellen dat dit utopische sprookjes zijn. Hoe zie jij dit eigenlijk?

“Ik denk dat het belangrijk is om te begrijpen hoe dingen echt werken en stil te staan bij de verborgen agenda van de onderwijsindustrie, en met name die van de bedrijfsuniversiteiten en de neoliberale denkers. Dat vergt echter wel heel veel tijd en inzicht, eerlijkheid en ervaring in het betreffende veld en een gevoel voor het grote plaatje. Helaas zijn er veel verborgen en vooral immorele en onethische belangen die wettelijk geaccepteerd zijn maar niet rechtmatig. Zo is ons geldsysteem wettelijk geaccepteerd, maar het is niet rechtmatig aangezien het merendeel van het geld wordt gecreëerd en beheerd door de financiële instellingen, en niet zoals de gemiddelde burger denkt door de centrale bank. Ik refereer hier graag aan de zogenaamde Positive Money Movement in het Verenigd Koninkrijk, de Kaaimaneilanden, Zwitserland en ga zo maar door. Ik denk daarom dat er veel manipulatie plaatsvindt. Of, zoals je zelf al zegt, er worden veel utopische sprookjes verteld. Mijn angst is dat dit escaleert en dat het uitmondt in een propaganda zoals we die bij bankiers hebben gezien: “Don’t get caught, make profit!”

En wat denk je in het algemeen van de neoliberale invloed op ons onderwijssysteem?

“Ik kan alleen praten over wat ik zelf heb ervaren tijdens mijn studie in Zwitserland en in de Verenigde Staten. Het is duidelijk dat ik neoliberaal onderwijs heb genoten, decennia lang, maar ik ben pas recent gaan inzien dat ik lang gemanipuleerd ben om het werk te doen dat ik uiteindelijk deed in acht offshore-jurisdicties. Het grote dogma binnen het neoliberale denken is ‘Schulden = Consumptie = Groei = Vooruitgang’. Toen ik me realiseerde dat dit voor een situatie heeft gezorgd waarin nu staten en individuen zwaar te lijden hebben was ik erg geshockeerd. Deze aanpak faciliteert het maken van schulden om maar zo veel mogelijk te consumeren, iets dat de grote drijfveer is voor groei. Dat noemen we dan vooruitgang. Simpel gezegd kun je stellen dat schulden gelijk staan aan vooruitgang, wat natuurlijk volledig verkeerd is aangezien de maatschappij nu geconfronteerd wordt met een extreem gecompliceerd probleem. Deze is puur veroorzaakt door neoliberaal denken en het bijbehorende beleid.”

Zou dit veranderd moeten worden?

“Dit zou niet alleen veranderd moeten worden, het moet! Zeker in de toonaangevende universiteiten waar onze toekomstige leiders studeren. Er is hier echt een fundamentele wijziging van ons denken nodig. Het gaat hier niet alleen om economie, maar het gaat om ethiek en vele andere zaken.”

Andere dogma’s: globalisering en BNP

Naast de neoliberale dogma’s worden we in ons dagelijks leven vaak geconfronteerd met enkele diepgewortelde aannames. Zo zijn er bijvoorbeeld de invloed van globalisering en het  meetinstrument dat ‘bruto nationaal product (BNP)’ heet, dat regeringen doorgaans legitimiteit moet geven. Van het eerstgenoemde leren we op scholen vaak vooral de voordelen, terwijl het door banken en grote corporaties wordt misbruikt om de weg van de minste weerstand te zoeken bij het vergroten van hun winsten. Het BNP blijft consequent opduiken als het heersende instrument om de economische prestaties van een land te meten, ondanks kritiek van enkele economen.

Iets anders dat vaak geprezen wordt op scholen is de globalisering. Grote bedrijven als Google en Starbucks wordt echter vaak verweten te globaliseren met het doel de belastingdruk te verlagen. Veel mensen – waaronder veel politici – vinden dit een vorm van belastingontduiking. Hoe zou dit door velen als ongewenst bestempelde gedrag voorkomen kunnen worden?

“Globalisering is inderdaad duidelijk een wapen voor multinationale organisaties, rijke individuen en banken. Het is evident dat je een mondiaal orgaan nodig hebt om dit gedrag te stoppen. Met de G7, de Verenigde Naties. de OECD en de G20 hebben we de opties, maar tot nu toe blijken zij tandeloos te zijn. We hebben zelfs wetgeving op nationaal niveau om frauduleus gedrag aan te pakken, maar de autoriteiten voeren deze wetten niet uit. Mijn zaak is een treffend voorbeeld voor het niet uitvoeren van deze wetten. Alle klachten die ik in elf jaar heb ingediend in Zwitserland tegen de banken en individuen zijn afgewezen door de rechters.”

De economische vooruitgang van landen wordt nog altijd gemeten via het BNP, zelfs ondanks het feit dat er genoeg economen zijn die deze maatstaf bekritiseren. Hoe denk jij hierover, en in welke mate kan een economie overheden überhaupt legitimiteit geven?

“Ik maak hier graag een vergelijking. Toen ik solliciteerde voor de baan in Mauritius was dat nog een lagelonenland. Mijn jaarlijkse salaris was rond de 60.000 Engelse pond, wat voor een directeur niet zo veel is. Mijn familie leefde echter in een groot huis, met een flinke tuin, en we hadden bijvoorbeeld genoeg tijd samen. We hadden dus een fantastisch leven en ik kon nog steeds zo’n 15.000 pond per jaar sparen. Mijn persoonlijke ‘BNP’ was zodoende in vergelijking met een Europese manager mager, maar mijn levensstijl was veel beter in vergelijking met mijn Europese collega’s. Wat ik hiermee wil zeggen is dat het niet alleen geld is wat telt, veel belangrijker is nog de levensstijl die een land aan zijn burgers kan bieden. Ik begrijp dat een levensstijl lastig te meten is, het is eenvoudiger om over een BNP te praten.”

Verkeerde waarden

De bovengenoemde dogma’s zijn producten van de moderne tijd. Geld- en machtgerelateerde problemen zijn er echter al veel langer. Om met deze moeilijkheden af te rekenen keert Elmer terug naar het onderwerp van de maatschappelijke waarden. Volgens hem worden de verkeerde mensen bewonderd op basis van twijfelachtige argumenten en is het tijd voor bezinning.

Uiteindelijk lijken er, in welke industrie we ook kijken op welk moment in de historie dan ook, grote problemen te zijn. Veel van deze problemen geldgerelateerd te zijn. Hebzucht lijkt een persistent element van het leven te zijn. Is dit eigenlijk wel te vermijden?

“Wij, jij en ik zijn verantwoordelijk dat deze grote geldgerelateerde problemen bestaan. We beschouwen mensen die een fortuin hebben verdiend als succesvolle mensen en we bewonderen ze zelfs omdat geld hen macht geeft. De vergelijking ‘veel geld = succes’ is een creatie van onze moderne samenleving. Met andere woorden, we richten ons op de verkeerde waarden in onze levens. Het is tijd deze te heroverwegen. We hebben fantastische voorbeelden in onze geschiedenis van wat succes echt betekent, als je kijkt naar het leven van Mahatma Gandhi, Nelson Mandela en Dietrich Bonhoeffer of belangrijker nog de ouders die hun kinderen zo opvoeden dat ze geen probleem voor de maatschappij worden. Dat laatste wordt onderschat en blijft onbesproken. Mijn ouders hebben drie jongens opgevoed in een hoerenbuurt in Zürich, en we zijn allemaal nette burgers geworden. Ik vind dat een geweldige prestatie van mijn ouders. Er zijn veel soortgelijke ouders in onze samenleving maar hun fantastische werk wordt te weinig op waarde geschat.”

Stel nu dat je ooit aangesteld zou worden als de president van de Europese Centrale Bank. Wat zouden je prioriteiten dan zijn?

“Dank je, maar ik ben niet slim genoeg om aangesteld te worden voor zo’n positie. Een van mijn belangrijkste doelen zou wel zijn de schuldencrisis op te lossen en multinationals aan te pakken, die nu slechts ongeveer 1% van hun winsten aan belasting betalen.”

‘Heel wat Nederlandse belastingontduikers tegengekomen’

Wie met Elmer spreekt, voelt dat hij het als persoonlijke missie ziet om mensen te informeren over de misstanden om hen heen. Maar heeft hij nu eigenlijk ooit spijt gehad van zijn dappere kruistocht, en wat zou hij het Nederlandse volk willen meegeven als les?

In de documentaire over uw zaak werd duidelijk dat landen bang zijn om Zwitserland te bekritiseren. Ze zijn bang dat geheimen over hun een corrupte gedrag worden onthuld zodra ze dat doen. In Nederland denken mensen nog weleens dat hun land ‘het braafste jongetje van de klas is’. Wat zou het Nederlandse publiek moeten weten over hun land?

“Ten eerste denk ik niet dat de mensen van de Nederlandse regering zo anders zijn dan die in andere landen. Ten tweede ben ik tijdens mijn carrière heel wat Nederlandse belastingontduikers tegengekomen. Het Nederlandse publiek moet weten dat alleen ‘adequate transparantie’ kan helpen om vertrouwen in het management van een land te bewerkstelligen. Nogmaals, politici moeten dus open zijn over hun inkomen, hun nevenactiviteiten en de financiering van politieke partijen. Alleen dan zou ik me als burger comfortabel genoeg voelen om een politicus te steunen.”

Tijd voor mijn laatste vraag Rudolf. Als we kijken naar de persistentie van grote problemen die we aantreffen in onze samenleving en als we kijken naar alles wat je hebt door moeten maken nadat je een klokkenluider werd, is er ooit een moment geweest waarop je spijt had van je moedige kruistocht? De reputatie van bankiers is weliswaar aangetast door de mondiale financiële crisis, maar niemand zou het je waarschijnlijk hebben kwalijk genomen als je een conformist was geweest.

“Ik heb veel momenten gehad waarop ik mijn moedige daden betreurde, vooral door het feit dat mijn dochter en mijn vrouw het door mij gekozen moeilijke pad moesten accepteren, terwijl mijn meeste collega’s passief het foute systeem accepteerden. Maar op persoonlijk vlak is het schitterend om je te blijven realiseren dat ‘als God voor ons is, wie kan er dan ooit tegen ons zijn?'”

Voor wie geïnteresseerd is in de zaak van Elmer, zijn hier enkele interessante links: