Een aantal keer per jaar probeer ik wedstrijden van de Ajax-jeugd op De Toekomst te bezoeken. Niets zo leuk als met eigen ogen de jonge Amsterdamse talentjes aan het werk te zien. Bovendien is het razend interessant alle opmerkingen om je heen te horen, van fans, volgers, ouders en talentjes uit andere teams. Het levert een dieper inzicht op van het wel en wee van de Ajax-jeugdopleiding. In de rubriek “Langs de lijn op De Toekomst” ga ik namens Ajax1.nl de komende tijd in gesprek met enkele van deze mensen. In deel 7 praat ik met Dani de Wit, een jeugdinternational die volgend seizoen aan zijn tiende seizoen in de Ajax-jeugdopleiding begint.

Een van de jeugdspelers die wellicht het vrolijkst de zomerstop ingaat, is Dani de Wit. Hij maakte tijdens de Copa Amsterdam en het jeugd-EK indruk, en deed dit bovendien met doelpunten. Het zal de middenvelder deugd doen, nadat hij in december moest herstellen van een voetbreuk. Komend seizoen begint De Wit aan zijn tiende seizoen in de jeugd van Ajax. Hij zal dan uitkomen voor de A-jeugd, nadat hij vorig seizoen speler van de B1 was. Het contrast met zijn Portugese naamgenoot ‘Dani’ da Cruz Carvalho, naar wie hij vernoemd is, kan bijna niet groter zijn. Waar Dani een stylist was die veelvuldig de weg naar het nachtleven wist te vinden, lijkt de Wit echt voor zijn sport te leven en is hij qua speelstijl meer te vergelijken met Davy Klaassen. Het wekt dan ook geen verbazing dat De Wit hem aanwijst als zijn voorbeeld. Maar, welke kwaliteiten denkt De Wit eigenlijk nog te moeten ontwikkelen om net zo’n type speler te worden? Kan hij onze lezers eigenlijk uitleggen wat er met het plan-Cruijff bedoeld wordt? En wat kan hij ons vertellen over de ontwikkelingen op De Toekomst?

Beste Dani! Kun je jezelf misschien even voorstellen aan de lezers die jou nog niet kennen?

“Ik ben Dani de Wit en ik ben 17 jaar oud. Ik voetbal sinds mijn achtste in de jeugdopleiding bij Ajax, en volgend jaar ga ik naar de A-jeugd toe.”

Heb je enig idee waar je je talent vandaan hebt?

“Ja, ik heb een sportieve familie! Mijn vader heeft vroeger gevoetbald en mijn moeder houdt ook erg van sport. Ik heb het talent en mijn instelling dus van mijn ouders.”

Voorbeeld

Kun je aangeven wie jouw voorbeeld is?

“Dat is Davy Klaassen. Hij speelt dan ook op dezelfde positie als ik. Hij is een échte Ajacied en straalt dat ook uit, en kan bovendien fantastisch voetballen! Daarnaast kan hij ook nog eens een goal maken, dus ik zie hem als mijn voorbeeld!”

Wat moet jij nog ontwikkelen om net zo’n type te worden als hij?

“Ik moet mijn technische vaardigheden verbeteren en nog rustiger worden aan de bal! Ik moet er eigenlijk voor zorgen dat ik al weet waar de bal naar toe moet, voordat ik de bal heb ontvangen. Ook moet ik nog meer goals gaan maken, daar ben ik me van bewust. Dat gaat dit jaar overigens al stukken beter!”

Supporters spiegelen elftallen vaak aan de succesteams van bijvoorbeeld 1994/95. Met de huidige talenten in de A1 en de B1 is er hoop dat er op korte termijn weer een sterk, creatief Ajax staat. Wat zou jouw rol in zo’n team kunnen zijn denk je?

“Ik hoop dat ik dan in een leidende rol kan spelen, want een van mijn kwaliteiten is mijn coaching! Verder hoop ik beslissend te kunnen zijn, zowel aanvallend via goals en assists, als verdedigend door duels te winnen en door middel van mijn kopkracht.”

Ontwikkeling De Toekomst

Wie, zoals De Wit, negen jaar lang rondloopt op de Toekomst, heeft het nodige vergelijkingsmateriaal. Hij heeft van dichtbij de gevolgen van wat de ‘Fluwelen Revolutie’ is gaan heten meegemaakt. Het valt me echter op dat veel mensen niet echt uit kunnen leggen wat dat plan van Johan Cruijff nu eigenlijk is. Het is daarom interessant eens te controleren wat De Wit er eigenlijk van weet. En welke ontwikkelingen ziet hij eigenlijk sinds de revolutie?

Er wordt vaak gezegd dat het de goede kant opgaat met de Ajax-jeugdopleiding. Hoe zie jij dit?

“Daar ben ik het mee eens. Je ziet nu namelijk dat de laatste jaren heel veel jeugdspelers doorbreken of een kans krijgen bij het eerste. Dat is toch wel een teken dat het goed gaat. Ook zie je dat wij vooruitgaan als jeugdspelers, door de meer individuele benadering van trainers en performance naar ons toe.”

Het gaat vaak over het plan-Cruijff sinds een aantal jaar. Heb je eigenlijk enig idee wat dat plan is?

“Ja, dat is eigenlijk dat er meer aandacht gaat naar het individu, en het team minder belangrijk is geworden. Tuurlijk wil iedereen in de Ajax-jeugd elke wedstrijd winnen, maar het gaat om de ontwikkeling van elke speler, zodat wij straks klaar zijn voor het eerste! Ook zie je dat er jongens eerder worden doorgeschoven naar een hoger team, zodat je kan wennen aan een fysieke tegenstander, en sneller moet gaan handelen! Hierdoor word je natuurlijk alleen maar beter.”

Jij hebt ontwikkelingen als de Twin Games en de integratie van zaalvoetbal net gemist. In hoeverre baal je daarvan en hoe had het jou kunnen helpen denk je?

“Het is jammer want het lijkt me erg leuk en leerzaam, het helpt je namelijk al op jonge leeftijd te handelen in kleine ruimtes en het verbetert je technische vaardigheden. Maar ik denk dat ik niks heb gemist, want dit kan je ook thuis allemaal leren als je elke dag op een pleintje voetbalt. De Twin Games zijn daardoor ook ontstaan. De jeugd voetbalt te weinig meer op de pleintjes.”

Komend seizoen wordt jouw tiende seizoen bij Ajax. Je zei net dat een verandering is dat je meer individuele aandacht krijgt. Heb je nog meer zien veranderen? En kun je bijvoorbeeld concreet uitleggen wat je aan die individuele benadering, met bijvoorbeeld gespecialiseerde trainers, hebt gehad?

“Ja, je ziet nu ook dat er eigenlijk op alles wordt gelet, zoals voeding, kracht, agility en lenigheid. Ik heb persoonlijk veel gehad aan de trainers doordat er steeds wordt gehamerd op je verbeterpunten. Meerdere trainers zien je aan het werk, en zo krijg je meerdere meningen. Ik heb hierdoor met bijvoorbeeld John Bosman nog beter leren koppen! En met Gery Vink wordt er constant in pass- en trapvormen gelet op mijn aannames.”

Marjan Peer stelde onlangs in gesprek met mij dat ze bij Ajax de teamgeest heeft gemist tijdens de opleiding van haar zoon, en de liefde van en voor Ajax. Een aantal jeugdspelers is daarom volgens haar cynisch over de club. Door bijvoorbeeld jeugdspelers uit te nodigen bij een kampioensfeest van het eerste elftal, kun je dit volgens haar wellicht veranderen. In hoeverre herken jij wat Marjan zegt? En waar zie jij misschien kansen om meer clubliefde bij te brengen?

“Daar ben ik op zich wel mee eens, dat zie je inderdaad bij spelers. Maar ik denk dat je zoiets moeilijk kan veranderen. Je krijgt zoiets van huis uit mee. Je bent een échte Ajacied of je bent het niet, denk ik. Tuurlijk kan clubgevoel altijd groeien en kun je van een club gaan houden, maar ik denk dat het moeilijk maakbaar is.”

Dani’s persoonlijke ontwikkeling

De Wit heeft eerder in het gesprek aangegeven waar hij nog aan denkt te moeten werken, als hij een type als zijn voorbeeld Davy Klaassen wil worden. Maar, hoe gaat zo’n ontwikkeling nu eigenlijk in zijn werk? Hoe wordt de voortgang besproken? En speelt De Wit net als andere jongens eigenlijk ook weleens op een andere positie, als onderdeel van zijn leerproces?

Heb jij een persoonlijk ontwikkelingsplan bij Ajax? En kun je misschien uitleggen hoe zoiets werkt? Heb je er bijvoorbeeld zelf een stem in?

“Ik heb niet écht een ontwikkelingsplan, bij mij wordt er vaak gewoon aangegeven door de trainers wat er beter moet en waar ik aan moet werken. Daar ga ik dan mee aan de slag.”

Kun je uitleggen hoe de communicatie over jouw ontwikkeling verloopt? Krijg je bijvoorbeeld een rapport, zoals op school? En voel je je veilig om het aan te geven als je het ergens niet mee eens bent?

“Elke speler heeft een mentor. Bij mij is dat Said Ouaali en een performance trainer. Zij hebben een aantal spelers onder hun hoede. Met hen heb ik meerdere keren een gesprek bij Ajax, waarin we het hebben over mijn ontwikkeling en over mijn skillbox. Hierin staat alles wat ik wel of niet goed doe, dit bespreken we dan met elkaar. Daar wordt verteld wat goed gaat of waar je aan moet gaan werken. Als je het met punten niet eens ben kun je dat gewoon aangeven en dan kan je je mening geven of zeggen wat jij vindt. Dat vinden de trainers ook goed en daar krijg je veel ruimte in.”

Matthijs heeft ons het verschil tussen performance movement en krachttraining uitgelegd. Wat doe jij zoal aan performance movement?

“Ik ben vooral bezig met rekken en looptraining. Dit zodat ik nog wendbaarder en sneller wordt.”

Diverse spelers worden op verschillende posities geposteerd, als onderdeel van hun leerproces. Hoe zit dit bij jou?

“Dat is eigenlijk wel een leuke vraag, want dat gebeurt inderdaad ook bij mij. Natuurlijk heb ik de meeste wedstrijden gespeeld op ‘10’, maar aan het einde van het seizoen heb ik zelfs een aantal wedstrijden op ‘3’ gespeeld. Dan wordt er ineens iets heel anders van je gevraagd, maar dat heeft een aantal voordelen. Je leert zo bijvoorbeeld nog beter verdedigend koppen, duels winnen, coachen en opbouwen, waarbij je rustig moet zijn aan de bal. Dit helpt je allemaal weer om beter te worden.”

De Twin Games en het zaalvoetbal zijn dus nieuw in de onderbouw, onder andere om voor meer balcontacten in kleinere ruimtes te zorgen . Hoe is eigenlijk geprobeerd jou voor te bereiden op voetbal onder hoge druk? En hoe is er daarbij bijvoorbeeld geprobeerd jou tweebenig te maken?

“Eigenlijk door vele pass- en trapoefeningen onder weerstand. Hierdoor moet je snel gaan handelen. Elke aanname en pass moet goed zijn, allebei de kanten op.”

Gebruiken jullie daarbij eigenlijk nog robots?

“Nee, wel poppen natuurlijk. Maar geen machines of robots.”

Dani’s toekomst

Matthijs vertelde ons dat Ajax jullie voorbereidt op het leven als prof, iets waar veel spelers het moeilijk mee hebben. Kun je eens aangeven wat voor lessen ze jullie proberen bij te brengen? En krijg je dat via een cursus, of hoe gaat dat?

“Er wordt je natuurlijk bijgebracht hoe je om moet gaan met de media, of hoe je je moet presenteren. Ook is discipline natuurlijk belangrijk. Je hebt daarnaast toch ook altijd dat Ajax-logo op je borst, waardoor veel mensen naar je kijken. Het is daarom belangrijk een voorbeeld te zijn. Dat proberen ze ons wel bij te brengen. Dit gebeurt niet via cursussen, maar meestal gewoon in de kleedkamer of op het veld. Als je zelf iets vraagt of wilt weten, dan helpt de trainer je.”

Jij wordt de laatste maanden steeds meer vergeleken met Davy Klaassen en Siem de Jong. En dan speel je ook nog eens een goed jeugd-EK. De aandacht neemt dan toe. Wat doet dit met een jonge jongen als jij?

“Ik blijf natuurlijk gewoon mezelf, maar dit soort dingen zijn mooi om mee te maken. Ik ben er erg trots op om voor Nederland te spelen en positieve reacties zijn natuurlijk altijd leuk! Maar ik blijf gewoon doorgaan en m’n best doen!”

In hoeverre lees je wat er op supportersfora over jou geschreven wordt?

“Soms kom ik het toevallig tegen op Ajax- en voetbalsites, en dan vind ik het wel leuk om te lezen. Ook negatieve reacties kunnen je soms helpen, maar ik neem dan alleen mee waar ik iets aan heb. Sommige reacties moet je ook snel vergeten.”

Negen jaar geleden kwam je bij Ajax binnen. In hoeverre ben je de speler geworden die je hoopte, en wat is je doel voor de komende vijf jaar?

“Ik heb eigenlijk tot nu toe alles waar ik op had gehoopt. Dat is namelijk dat ik volgend jaar weer een jaartje bij Ajax blijf. Het gaat erg goed! Ik probeer deze lijn door te trekken naar volgend jaar! Mijn doel en droom is toch wel Ajax 1 te halen en in de Arena te gaan spelen.”

Met concurrentie van onder meer Davy Klaassen, Donny van de Beek en Nemanja Gudelj zal Dani de Wit zijn stinkende best moeten blijven doen om het eerste elftal te halen. Dat lijkt echter iets dat je aan hem wel kunt overlaten. Hij mag dan vernoemd zijn naar een Portugees wonderkind met het Syndroom van Peter Pan, voor mij is inmiddels duidelijk dat De Wit niet dezelfde fouten zal maken. Namens Ajax1.nl wens ik Dani in ieder geval alvast heel veel succes in zijn tiende seizoen bij Ajax, en in alles wat er daarna nog gaat komen. We zullen hem op de voet blijven volgen!