Een aantal keer per jaar probeer ik wedstrijden van de Ajax-jeugd op De Toekomst te bezoeken. Niets zo leuk als met eigen ogen de jonge Amsterdamse talentjes aan het werk te zien. Bovendien is het razend interessant alle opmerkingen om je heen te horen, van fans, volgers, ouders en talentjes uit andere teams. Het levert een dieper inzicht op van het wel en wee van de Ajax-jeugdopleiding. In de rubriek “Langs de lijn op De Toekomst” ga ik namens Ajax1.nl de komende tijd in gesprek met enkele van deze mensen. In deel 3 praat ik met de oom van Mink Peeters, die de Ajax-jeugdopleiding een jaar geleden verruilde voor die van Real Madrid.

In de zomer van 2012 verruilt Mink Peeters de PSV-jeugdopleiding voor die van Ajax. Een opzienbarende overstap, die niet onbesproken blijft in de media. Marcel Brandts stelt kort erna tegenover het AD dat met de jeugdtransfer een herenakkoord tussen Ajax, Feyenoord en PSV, om van elkaars spelers af te blijven, is geschonden. Vele jeugdvolgers met een Ajax-hart zijn direct erg enthousiast. De creatieve Peeters wordt op dat moment namelijk al een grote toekomst toegedicht. Helaas zou het avontuur in Amsterdam slechts twee jaar duren. Nadat Peeters indruk maakt in Amsterdam in de C’tjes en de B’tjes, blijft een contract bij Ajax uit. Op dat moment kiest Ajax er nog voor geen contracten voor te schotelen aan 16-jarige eigen jeugd. Real Madrid ziet daarop zijn kans schoon, en legt de jonge middenvelder voor 4 jaar vast. Zijn oom maakte al deze bovenstaande wendingen als een van de grootste fans van Mink van dichtbij mee.

Kunt u onze lezers uitleggen in welke hoedanigheid u op De Toekomst komt of kwam?

“Ik ben de oom van voormalig Ajax-jeugdspeler Mink Peeters. Ik heb alle wedstrijden die hij bij Ajax in de C1 en de B’tjes heeft gespeeld bezocht.”

Minks tijd in de Ajax-jeugdopleiding

Uiteindelijk speelt Mink Peeters slechts twee seizoenen in de jeugdopleiding op De Toekomst. Toch kijkt zijn oom er met een tevreden gevoel op terug. Hij gaat in de ideale positie van Mink in het veld, en herinnert zich hoe er zelfs in de jeugd van PSV opgekeken werd tegen Ajax-teams.

In hoeverre is de tijd bij Ajax geworden wat u ervan had verwacht?

“Wat ik begrepen heb, is dat Ajax destijds speciaal interesse in Mink had, omdat hij gezien werd als een ideale ‘nummer 10’. Daar had men bij Ajax, op dat moment, kennelijk behoefte aan. Toen hij er eenmaal kwam te spelen, had men echter inmiddels het spelsysteem aangepast. Er werd op dat moment niet meer met een klassieke nummer 10 gespeeld werd, als we uitgaan van de van oudsher aan dat nummer gekoppelde positie en functie-invulling. Gelukkig heeft trainer Frank Peerenboom regelmatig het spelsysteem aangepast om Mink op de voor hem ideale positie te kunnen laten spelen. Maar Mink komt natuurlijk ook wel tot zijn recht als linkshalf, linksbuiten, spits en rechtsbuiten. Het is uiteraard ook wat waard om te weten dat een speler zo multifunctioneel inzetbaar is. In die zin is het positief dat ze dat bij Ajax geëxperimenteerd en uitgeprobeerd hebben. Alles bij elkaar kan ik dus toch wel zeggen dat de tijd bij Ajax succesvol is geweest en aan mijn verwachtingen heeft voldaan.

Ik heb Frank de Boer in een interview horen zeggen dat Ajax in de toekomst wél weer met een echte ‘10’ gaat spelen. In die zin is het wel jammer dat Mink bij Ajax zat in de periode dat 16-jarige spelers geen contract kregen bij Ajax, anders had hij er een heel mooie toekomst tegemoet kunnen zien.”

Wat heeft u eigenlijk het meest verrast bij de club, die uiteindelijk toch vier keer de Champions League won?

“Eigenlijk niets. De reputatie van Ajax was me uiteraard al bekend en is eigenlijk alleen maar bevestigd. Ik kan in ieder geval niet meteen iets negatiefs bedenken. Het is wel zo dat ik me herinner van Minks tijd bij PSV, dat zelfs hun jeugdteams zich er vrijwel altijd al bij voorbaat bij neerlegden dat ze een toernooi niet zouden gaan winnen, wanneer ook Ajax aan dat toernooi deelnam. Op de een of andere manier straalden zij een soort arrogantie, zelfverzekerdheid en onoverwinnelijkheid uit, die meestal ook terecht bleek. Net zoals je dan wist dat je nooit ‘speler van het toernooi’ noch ‘topscorer van het toernooi’ zou worden, omdat Ajacied Kenneth Aninkora dat immers altijd werd. Iemand formuleerde het eens treffend door te zeggen dat PSV zich al meteen kansloos achtte voor de winst van het toernooi, als ze de spelersbus van Ajax bij het complex geparkeerd zagen staan. Het vreemde is dat ik dat gevoel van onoverwinnelijkheid niet echt aantrof en ook nimmer echt gevoeld heb, toen Mink uiteindelijk zelf bij Ajax speelde. Alsof men bij Ajax zelf niet doorhad hoe de tegenstanders tegen hen opkeken.”

In hoeverre heeft u iets gemist in de opleiding van uw neef bij Ajax?

“Daar kan ik niet goed over oordelen. Daar heb ik niet genoeg van meegekregen. Of het moet dus zijn dat ik niet de indruk had dat spelers van Ajax van hogerhand nadrukkelijk meekrijgen dat ze extra bijzonder zijn, omdat ze bij Ajax mogen spelen. Ik had verwacht dat daar meer nadruk op gelegd zou worden. Misschien dat dat wel degelijk gebeurt, maar ik heb er als buitenstaander aan de zijlijn in ieder geval weinig of niets van gemerkt.”

De Toekomst sinds de ‘Fluwelen Revolutie’

De veelgehoorde stelling die in deze rubriek onderzocht wordt is ‘dat het de goede kant opgaat met de Ajax-jeugdopleiding’. De oom van Mink begrijpt er weinig van dat er überhaupt een ‘Fluwelen Revolutie’ moest komen, en is kritisch op het contractbeleid voor de eigen jeugd dat sindsdien gevoerd is. Als broer van de vader van Mink, die tevens zijn zaakwaarnemer is, maakt hij graag duidelijk dat het idee om 16-jarige eigen jeugd geen contract voor te schotelen veel te idealistisch was.

Een vaak gehoorde stelling is ‘dat het de goede kant opgaat met De Toekomst’. Hoe denkt u hierover?

“Ik denk dat het wel de goede kant opgaat met De Toekomst, maar dat ging het volgens mij sowieso al. Ik denk dat men er vroeger al het maximale uithaalde en dat het gewoon niet beter kan. Ajax staat bekend als een club die het toch voornamelijk moet en wil hebben van de eigen jeugdopleiding en daar, voor een groot gedeelte, ook in slaagt. Maar dat was vroeger ook al zo, ook vóór de ‘Fluwelen Revolutie’. Ik begrijp eigenlijk niet waarom men destijds kennelijk zo ontevreden was en waarom men het opeens helemaal anders moest. Ook zie ik de wezenlijke verschillen niet, maar dat kan aan mij liggen. Ik ben immers slechts een buitenstaander. Maar ik heb natuurlijk wél heel nadrukkelijk het averechtse effect van het ‘nieuwe contractbeleid’ meegekregen.”

Dat laatste is een veelbesproken punt onder supporters. Ajax is door het contractbeleid vorig seizoen drie talentvolle jeugdspelers kwijtgeraakt. Inmiddels is bekend geworden dat Ajax de 16-jarige Donyell Malen een contractaanbieding heeft gedaan. Er lijkt dus wat te veranderen. In hoeverre denkt u dat Ajax hiermee het vertrek van andere grote talenten in de toekomst kan vermijden?

“Ik hoop dat het een definitieve beleidsverandering is en dat het niet gaat om een eenmalige uitzondering op de oude, betwiste regel. Als het wel een uitzondering is, dan wordt het nog erger dan het al was. Alle zestienjarige jeugdspelers die dan namelijk niét als uitzondering aangemerkt worden zullen zich dan, terecht, als door Ajax miskend mogen beschouwen. Zij kunnen dan maar beter op zoek gaan naar een andere club. Als het beleid echt aangepast wordt en de toptalenten gewoon op hun zestiende een contract krijgen, dan hebben die spelers geen of in ieder geval veel minder reden om de opleiding voortijdig te verlaten. Dat doe je dan natuurlijk eventueel alléén maar als je de unieke kans krijgt om elders nóg hoger, bij de absolute top van Europa, te gaan spelen. Misschien zijn er ook jeugdspelers die zich laten verleiden door hoge geldbedragen die andere clubs willen en kunnen bieden. Daar kan Ajax dan waarschijnlijk niets tegen ondernemen en niets aan doen. Het is wel een verschil of je enerzijds de keuze hebt tussen een contract bij Ajax en een misschien iéts beter contract bij een andere club, of anderzijds de keuze tussen géén contract bij Ajax en wél een contract elders, zeker als die club nota bene internationaal nog hoger aangeschreven staat. Ik ga hier verder geen oordeel over uitspreken, omdat ik vind dat iedereen zelf mag en kan bepalen waar men voor kiest, zonder dat men dat hoeft te verantwoorden. Maar het heeft me wel zeer gestoord dat Mink door fanatieke forumleden onbehoorlijk en ongefundeerd verweten werd dat hij niet voor zijn sportieve carrière, maar louter voor het geld gekozen zou hebben. Mink had immers uiteindelijk de keuze tussen géén contract bij Ajax en wél een contract bij Real Madrid. Om dan te zeggen dat dat betekent dat je voor het geld gekozen hebt, is dan wel erg kort door de bocht en logisch beredeneerd volstrekt onjuist. Het gaat ook om het vertrouwen en waardering dat uit een contractaanbieding spreekt, zeker wanneer het daarbij gaat om een van de grootste clubs ter wereld. Ik wil de gênante commentaren hier niet gaan oprakelen, temeer daar niemand er iets mee te maken heeft hoe het in werkelijkheid allemaal precies zit. Het is bovendien niet aan mij is om dat naar buiten te brengen. Ik wil volstaan met de opmerking dat áls Mink het echt te doen was geweest om het geld, hij nu geen jeugdspeler van Real Madrid was geweest.”

Welke ontwikkeling op De Toekomst van de laatste jaren (sinds wat we de ‘Fluwelen Revolutie’ zijn gaan noemen) heeft u het meest verrast?

“In algemene zin heeft me dus verrast dat het kennelijk nodig werd geacht om het allemaal totaal anders aan te gaan pakken. Het ging volgens mij al redelijk goed, zo niet optimaal. Het is internationaal gezien toch algemeen bekend dat de afgelopen decennia uitzonderlijk veel jeugdspelers van Ajax doorgebroken zijn. Dan deden die opleiders het dus niet slecht. Maar het is natuurlijk geen vanzelfsprekendheid dat er elk jaar weer enkele spelers uit de jeugd de stap naar het eerste maken. Hoeveel spelers er jaarlijks doorbreken heeft immers niet alleen te maken met de manier en de kwaliteit van het opleiden, maar meer nog met de vraag of die talenten er überhaupt wel zijn en of die zich wel aandienen. Daar valt hoogstens meer resultaat mee te boeken door een (nog) betere scouting.

Wat de ‘fluwelen revolutie’ verder inhoudt, weet ik niet precies. Maar het idiote beleidsidee om jeugdspelers pas op hun zeventiende een (jeugd)contract aan te bieden heeft me dus wel verbaasd. Dat beleid was bij voorbaat gedoemd te mislukken. Het is in mijn optiek heel treurig dat het uiteindelijk zelfs als averechts gevolg heeft gehad dat drie toptalenten voortijdig vertrokken zijn. Dat Ajax op een gegeven moment zijn beste spelers kwijtraakt aan grotere, vermogendere Europese topclubs, is iets wat niet te voorkomen is en wat eigenlijk al gewoon geaccepteerd wordt en ingecalculeerd is. Het moet uiteraard echter niet al gebeuren als die spelers nog in opleiding zijn en nog niet bij de senioren spelen. Het idee dat jeugdspelers eerst maar eens moeten laten zien een echt Ajax-hart te hebben door op hun zestiende een jaartje zonder contract bij Ajax te spelen, is in theorie leuk bedacht, maar in praktijk werkt zoiets natuurlijk niet. Dat hadden die beleidsbepalers meteen al kunnen en moeten bedenken. Misschien dat jongens uit Amsterdam, die automatisch opgegroeid zijn als Ajax-fan en die in een Ajax-pyjama slapen, nog genegen zijn om contractloos voor Ajax te kiezen, ook als ze elders wel een contract kunnen tekenen. Maar van iemand zoals Mink, die op enkele honderden meters van het stadion van NEC geboren en getogen is, die als kind als Nijmegenaar automatisch fan van NEC geworden is, mag je dat niet verwachten. Hij is na NEC bovendien bij PSV gaan voetballen en werd daar ook al regelmatig uitgenodigd om nationale en internationale wedstrijden van het eerste elftal te bezoeken, met als bedoeling om zo natuurlijk een speciale band met de club te ontwikkelen. Dan mag je als Ajax zijnde natuurlijk niet verwachten dat een speler met zo’n verleden, uit het niets, opeens een echt clubhart heeft. Als je bij Ajax speelt word je vroeg of laat vanzelf wel een Ajacied, zeker wanneer je het gevoel krijgt erbij te horen. Naar mijn idee voelde Mink zich echter sowieso meteen al een echte Ajacied, toen hij de overstap gemaakt had. Zeker met een familie als die van hem, die altijd fanatiek Ajax-fan geweest is. Als speler van Ajax ben je er voortdurend van bewust dat het een hele eer is om bij Ajax te mogen en kunnen spelen, maar het is natuurlijk eveneens een hele eer om zo’n kans ook elders te krijgen, zoals bij Real Madrid.”

Marjan Peer, moeder van Bas Kuipers, stelde onlangs in deze zelfde rubriek dat ze ‘liefde van en voor Ajax’ mist. Ajax geeft in haar ogen te weinig, maar dat leidt onder sommige jeugdspelers ook tot cynisme. Er wordt volgens haar te weinig gedaan om echt clubgevoel te kweken bij de jeugdspelers. Hoe ziet u dit?

“Misschien dat men het als té vanzelfsprekend beschouwt dat jeugdspelers van Ajax per definitie een echt clubgevoel ervaren. Op zich zal iedereen zich ervan bewust zijn dat het een eer is om voor Ajax te spelen, maar het kan zeker geen kwaad om hen daar te pas en te onpas aan te herinneren. Dat kan op verschillende manieren, maar het is niet aan mij om adviezen of tips te geven. Ik neem sowieso aan dat er al een en ander aan gedaan wordt, omdat het nu eenmaal wel bij Ajax hoort.”

De plannen voor een verhuizing van het jeugdcomplex lijken steeds concreter te worden. U heeft rondgelopen op het huidige complex. Is er iets dat u gemist heeft op De Toekomst, wat zeer beslist wel op het nieuwe complex zou moeten komen?

“Ik kan zo snel niets bedenken wat er nog niet is en wat er eigenlijk nog wel zou moeten komen. Ik wil wel zeggen dat ik het erg jammer zou vinden als het huidige complex verlaten en gesloopt zou worden. Ik vind het er erg mooi bij liggen en indrukwekkend uitzien. Van een nieuw complex op een andere locatie is dat nog maar af te wachten.”

Ajax in de ogen van de jeugdspelers

De opmerkingen van Marjan Peer onlangs in deze rubriek over de houding van enkele jeugdspelers ten opzichte van Ajax hebben me aan het denken gezet. De jeugdspelers van tegenwoordig hebben geen van allen ooit de Europese successen van de club meegemaakt. Is het voor hen daarom niet ook makkelijker om cynisch te worden over de club, als Ajax zelf niet zijn best doet om jeugdspelers te herinneren aan de goed gevulde prijzenkast? Ik vraag de oom van Mink naar de Ajax-perceptie van jeugdspelers. Bovendien vraag ik hem of we jeugdspelers niet te veel ‘pamperen’, iets wat regelmatig geclaimd wordt.

Het is een feit dat jeugdspelers op De Toekomst de gloriedagen van Ajax niet hebben meegemaakt. In hoeverre beseffen zij volgens u eigenlijk dat ze bij een historische topclub spelen?

“Je kunt het de jeugdspelers natuurlijk niet kwalijk nemen dat ze die gloriedagen niet bewust meegemaakt hebben en dat ze zich er misschien ook niets bij voor kunnen stellen. Zij waren toen immers nog niet geboren. Je kunt uiteraard niet van die spelers eisen dat ze als vanzelfsprekend en uit zichzelf kennis nemen van de succesdagen van de club. Als ik echter beleidsbepaler bij Ajax was zou ik alle jeugdspelers gratis DVD’s verstrekken met de vroegere successen van Ajax, en ook DVD’s met opnamen van spelers van Ajax die Ajax groot gemaakt hebben en zelf uitgroeiden tot wereldsterren, zoals op de eerste plaats Johan Cruijff, maar ook jongens als Dennis Bergkamp, Marco van Basten, Ronald Koeman, Clarence Seedorf. De jonge jeugdspelers zullen zich misschien lastig kunnen verplaatsen in die tijd, maar als ze die opnamen zien zullen ze wel meteen doorhebben hoe succesvol, beroemd en bepalend Ajax ooit geweest is in de internationale voetbalwereld. Ze kunnen zo bijvoorbeeld ook zien wat voor een grootheid Johan Cruijff destijds was. Dat geldt in ieder geval zeker voor Mink. Daar heb ik persoonlijk voor zorggedragen door hem bij een van zijn verjaardagen zo’n DVD over Cruijff cadeau te doen.”

‘Pamperen’ we jeugdspelers niet af en toe te veel in uw optiek, waardoor we de kans misschien laten liggen ze mentaal nog sterker te maken?

“Als dat ‘pamperen’ bedoeld is om de spelers het naar hun zin te maken en zich prettig te laten voelen bij Ajax, dan is daar in mijn ogen niets op tegen. Die jongens hebben misschien een benijdenswaardig luizenleven, maar tegelijkertijd moeten ze er ook wel heel veel voor over hebben. Ze moeten er heel veel voor doen én laten als ze willen slagen als profvoetballer bij Ajax. De jongens mentaal sterker maken hoeft niet per se door minder te ‘pamperen’. Het kan ook wel op een andere manier.”

Communicatie en niveau jeugdtrainers

Op diverse fora van Ajax-fansites wordt er vaak geklaagd over de gebrekkige communicatie en het matige niveau van de jeugdtrainers van Ajax. Dit beeld werd enigszins bevestigd in de eerste twee delen van deze rubriek. Hoe ziet de heer Peeters dit eigenlijk?

Er wordt Ajax weleens verweten dat ze gebrekkig communiceren met ouders en spelers. Wat is uw ervaring hiermee? Indien u het als gebrekkig heeft ervaren, kunt u dan allicht uitleggen hoe het beter kan?

“Ik kan alleen in algemene zin zeggen dat het mij verstandig lijkt als trainers en andere leidinggevenden van een professionele voetbalclub veelvuldig, eerlijk en serieus communiceren met de ouders van de jeugdspelers. Dat is in het belang van iedereen. Of dat bij Ajax in voldoende mate gebeurt, kan ik moeilijk beoordelen. Ik heb wel eens kritiek daarover opgevangen. Het spreekt echter voor zich dat trainers en leidinggevenden niet altijd individueel met spelers, laat staan met hun ouders, bezig kunnen zijn. Ze kunnen en willen niet te pas en te onpas verantwoording afleggen. Maar het kan natuurlijk geen kwaad als men de ouders regelmatig op de hoogte houdt van hetgeen waar men mee bezig is. En dat men in ieder geval reageert op zinnige vragen en op kritiek.”

In deel 2 stelde een intensieve volger van De Toekomst dat hij nog vraagtekens plaatst bij de bekwaamheid van de jeugdtrainers. Het niveau van deze mensen kan volgens hem omhoog, en Ajax kan nog meer zijn best doen jeugdspelers completer en veelzijdiger te maken. Hoe denkt u hierover, op basis van uw ervaringen?

“Het kan nooit kwaad om altijd op zoek te blijven naar de beste jeugdtrainers en de lat daarbij steeds hoger te leggen. Daarbij denk ik dan ook speciaal aan de specialisten, die zich op aparte onderdelen concentreren. Zoals gerenommeerde, succesvolle spitsen die de voorhoedespelers trainen, of bijvoorbeeld speciale techniektrainers. Voor zover ik het kan beoordelen, doet men daar bij Ajax al aan, maar het zou misschien nóg beter kunnen. Bijvoorbeeld door eens beroemde buitenlandse (ex-)topspelers uit te nodigen, en hen eenmalig een workshop te laten verzorgen. Alleen al om de indruk die zoiets op jonge spelers zal maken, lijkt me dat al zinvol. Ik zou me ook voor kunnen stellen dat het erg interessant en zinvol zou zijn als bijvoorbeeld een Johan Cruijff de jeugdspelers bij gelegenheid toe komt spreken of gewoon eens komt kijken hoe er getraind wordt. Ik denk dat dat ook veel indruk zal maken op jeugdspelers. Niet alleen vanwege hetgeen ze dan leren, maar ze zullen zich door dat contact met clubiconen ook directer bij de club betrokken gaan voelen.

Wat me wel verbaasd heeft is dat bepaalde trainers, die in het verleden bijzonder succesvol zijn geweest met het opleiden van toptalenten zoals een Wesley Sneijder, inmiddels ontslagen en/of vertrokken zijn. Ik vind dat je niet te snel afscheid moet nemen van iets wat goed is, ook wanneer je meent te moeten vernieuwen, of wanneer er verschil van inzicht is.”

Mink bij Real

Tot slot vraag ik de oom van Mink nog even naar zijn mening over de transfer naar Real. Hij legt uit dat de discussie over vroeg vertrekkende jeugdspelers in zijn ogen vaak te gemakkelijk is. De heer Peeters heeft vertrouwen in de toekomst van zijn neef, aangezien alle voorwaarden voor succes aanwezig lijken te zijn. En heel misschien brengt die toekomst Mink ooit nog wel eens naar Amsterdam. Zijn oom ziet in hem in ieder geval een echte Ajax-speler.

Vindt u dat uw neef de juiste keuze heeft gemaakt door de jeugdopleiding van Ajax te verruilen voor die van Real Madrid?

“Er is van alles voor en tégen te zeggen. Ik vind het echter onzin om er de veelal negatieve ervaringen van eerdere vroegtijdige vertrekkers bij te betrekken. Aan statistieken heb je niets. Zeker niet wanneer het gaat om incidentele gevallen die niéts met elkaar te maken hebben. Ook het ongefundeerde commentaar op de kwaliteit en het niveau van de jeugdopleiding van Real Madrid heeft me zeer gestoord. Zeker omdat inmiddels algemeen bekend is dat Real Madrid juist besloten heeft om vanaf vorig seizoen veel meer werk te gaan maken van die opleiding. Het is tegenwoordig, net als bij Ajax, ook hún uitgangspunt om in de toekomst zoveel mogelijk spelers voor het eerste elftal zelf op te leiden. Real heeft overigens ook in het verleden al veel spelers opgeleid die nu in de Primera Division spelen, maar dan niet bij Real zelf. Die betere, succesvollere opleiding begint dan natuurlijk met een betere, grootschaligere scouting en als zodanig wereldwijd te zoeken naar uitzonderlijke talenten. Dat heeft dus geresulteerd in het vastleggen van onder andere Martin Ødegaard en Mink. Het enige criterium dat die sceptische commentatoren hanteren om de opleiding van Real Madrid af te kraken, is het op zich nietszeggende gegeven dat er in het verleden maar heel weinig eigen jeugdspelers het uiteindelijk tot de hoofdmacht geschopt hebben. Daarbij gaan die criticasters er dan aan voorbij dat het natuurlijk vele malen moeilijker is om in het eerste van Real Madrid terecht te komen, in vergelijking met bijvoorbeeld Ajax. Een kwantitatieve vergelijking van het aantal doorgebroken jeugdspelers is daarom oneerlijk.

Maar van belang is niet wat de partijdige buitenstaanders ervan vinden en verwachten, maar wat de technische staf van Real Madrid van Mink verwacht en wat Mink zelf denkt en hoopt aan te kunnen. Het feit dat Real Madrid er veel werk van gemaakt heeft om Mink aan te trekken, zegt naar mijn mening genoeg. Zeker omdat ze slechts incidenteel en bij hoge uitzondering buitenlandse jeugdspelers van jonger dan achttien vastleggen. Ze selecteren nadrukkelijk niet op kwantiteit, maar op kwaliteit. Ik vind dat je zo’n unieke kans dan niet kunt laten passeren. Zélfs niet als je in een bevoorrechte positie verkeert om bij zo’n fantastische club als Ajax te mogen spelen en je daar volop kans hebt om succes te gaan boeken.

Of het de juiste keuze is geweest, moet nog blijken. Maar ik weet wel zeker dat het niet aan Mink zelf gelegen zal hebben, wanneer het onverhoopt alsnog mis zou gaan met zijn carrière. Hij heeft zondermeer het talent, de juiste instelling, motivatie en ambitie. Hij heeft daarnaast een nuchtere, realistische kijk op zichzelf en zijn carrière. Hij weet dat hij er heel hard voor zal moeten werken en zich veel zal moeten ontzeggen. Verder wordt hij perfect begeleid en gesteund door ouders die er letterlijk alles voor doen en laten om een optimale carrière te faciliteren. In die zin heeft hij in feite alles mee om te kunnen slagen. Bovendien is het natuurlijk ook een perfecte basis voor je ontwikkeling als jonge speler, wanneer je op je zestiende al de gerenommeerde jeugdopleidingen van zowel PSV als Ajax doorlopen mag hebben.“

Uw neef is nu weg bij Ajax. In hoeverre is er nog contact met de club, en zou dit in uw ogen bepalend kunnen zijn voor een eventuele nieuwe samenwerking in de toekomst?

“Ik weet eerlijk gezegd niet in welke mate er nog steeds contact met de clubleiding is. Dat heb ik hem nooit gevraagd. Ik neem aan dat dat contact er nog wel is, al zal het waarschijnlijk niet erg intensief zijn. Maar dat hoeft ook niet. Een eventuele samenwerking tussen Real Madrid en Ajax lijkt me uitgesloten en áls dat eventueel ooit door iemand ter sprake gebracht zou worden, dan zal Johan Cruijff er beslist zijn veto over uitspreken als Barcelona-man. Wel hoop en denk ik dat Ajax Mink zal blijven volgen. Ik kan geen reden bedenken waarom uitgesloten zou zijn dat Mink ooit eventueel alsnog voor Ajax zou spelen. Ik zie hem zelf immers als een ideale, typische Ajax-speler. Mink houdt zelf in ieder geval nog steeds contact met de club, waar hij nog altijd warme gevoelens voor heeft. Als hij in Nederland is, en het is enigszins mogelijk, dan bezoekt hij steevast wedstrijden van zijn voormalige teammakkers.”

Welke tip(s) zou u de huidige beleidsbepalers en trainers op De Toekomst willen geven?

“Geen gekke dingen doen en vooral goed nadenken, voordat beleid eventueel grondig omgegooid wordt. Dus zeker niet weer zulke fouten maken als met dat krankzinnige contractbeleid.”

Of Mink Peeters op termijn zijn debuut zal maken voor Real Madrid blijft voorlopig nog even de vraag. Wij van Ajax1.nl zullen zijn ontwikkeling in ieder geval met veel interesse blijven volgen, en wensen hem en zijn familie alle goeds in de toekomst!